De achtergronden van de elektrische fiets.

In Nederland reizen we gemiddeld 30 kilometer per dag verdeeld over drie ritten2. Daarbij zijn twee ritten korter dan 7,5 kilometer. Van de ritten van minder dan 7,5 kilometer wordt 35% met de fiets afgelegd, nog eens 35% wordt met auto verreden en het overige aandeel is verspreid over andere vervoersmiddelen. Bij de ritten tussen de 7,5 en 15 kilometer is het aantal gefietste ritten nog kleiner. Naarmate de af te leggen afstand toeneemt zien we het gebruik van de fiets snel afnemen. Mensen zien de fiets niet als een vervoersmiddel voor de lange afstand omdat de reistijd te groot wordt, daarbij komen ook allerlei fysieke ongemakken die mensen weerhoudt om de fiets voor langere afstanden te pakken. Feit blijft dat de auto al bij zeer kleine afstanden een grote populariteit geniet, al bij een afstand van 2.5-3.7 is de auto met een aandeel van 50% oververtegenwoordigd.

Het zijn deze korte ritten die enorm vervuilend zijn. Ten eerste worden veel korte ritten gereden binnen de steden. Juist in de steden kunnen uitlaatgassen maar moeilijk weg, ze blijven hangen, zorgen voor smogvorming en daarmee voor gezondheidsrisico’s. Daarnaast moet een automotor opwarmen om efficiënt te kunnen draaien. Op dergelijk korte afstanden is de motor nog niet warm en de uitlaatgassen zijn dan schadelijker dan die van een motor op bedrijfstemperatuur. Er is dus een duidelijke behoefte om het marktaandeel van de fiets te vergroten.

Dat gemeenten en overheden hierop in kunnen springen door met een op maat gemaakt fietsbeleid te komen hebben we uitgebreid besproken in ons artikel over Mobiel op de fiets. We hebben nog niet gekeken naar de rol van het voertuig in deze discussie. Traditionele fietsen hebben allen als euvel dat er hard getrapt moet worden om vooruit te komen. In dergelijke situaties worden het “heuveltje op” en de “eeuwige tegenwind” al snel storende factoren. Met de komst van de fiets met elektrische trapondersteuning, de elektrische fiets, lijkt hier verandering in te komen. Bij elektrische fietsen wordt de fietser ondersteund door een elektrische motor die in het voor- of achterwiel gemonteerd is. Bij elke trapomwenteling die gemaakt wordt helpt deze motor een handje mee. Vaak kan de fietser zelf instellen hoeveel trapondersteuning hij of zij wenst te hebben afhankelijk van het terrein, weersomstandigheden en persoonlijke voorkeuren. Elektrische fietsen worden gerekend tot de gewone fietsen en mogen rijden op het fietspad, een extra verzekering is niet nodig.

In België en Nederland geldt dat elektrische fietsen tot maximaal 25 kilometer per uur ondersteund mogen worden3. Je kan dus wel harder fietsen maar dat zul je volledig zelf moeten doen. Het behalen van deze snelheid met de elektrische fiets vraagt aanzienlijk minder kracht en inspanning dan met een gewone fiets. Zowel in de stad, waar veel moet worden geremd en geaccelereerd, als op het platteland, waar de wind vaak hard waait, biedt de elektrische fiets veel voordelen.

In juni 2008 deed TNO in opdracht van de Bovag en de HBD een onderzoek naar het gebruik van de elektrische fiets onder een groep van 1600 deelnemers4. Uit het onderzoek bleek dat 75% van de deelnemers harder fietsen sinds ze gebruik maken van een elektrische fiets. En 77% gaf aan dat ze met de komst van de elektrische fiets langere afstanden fietsten. Dit blijkt ook uit de totaalcijfers, waar voorheen gemiddeld 6,3 kilometer woon-werkverkeer per dag werd afgelegd groeide dit naar 9,8 km. Een toename van 3,5 kilometer lijkt niet veel maar een groei van 55% is dit wel. Doordat veel mensen op relatief korte afstand van hun werk wonen zorgt een dergelijke groei al snel voor een enorme mogelijke toename van het aantal fietsers.

Uit ditzelfde onderzoek bleek dat de groei van het aantal fietsbewegingen vooral geboekt was op recreatief gebied. Dit heeft vooral te maken met de gebruikersgroep van de elektrische fiets: de 65 plussers. Zij doen per definitie minder aan woon werkverkeer. Andere mogelijke gebruikersgroepen zoals forenzen, scholieren en ouders die hun kinderen naar school moeten brengen lijken veel minder van de elektrische fiets gecharmeerd. Wellicht dat ook hier het verschijnsel “onbekend maakt onbemind” een rol speelt. De elektrische fiets wordt vooral door zijn imago parten gespeeld.

Bij veel mensen heerst nog steeds het idee dat deze fietsen vooral voor ouderen en gehandicapten bedoeld zijn. Het is deze beeldvorming die moet worden tegengegaan voordat er meer mensen op de elektrische fiets stappen. Daarbij is dit imago voor een deel te verklaren door het ontwerp van de fietsen. Vooral in het beginstadium waren de elektrische fietsen erg lomp door opzichtige grote accu’s. Deze bezwaren spelen tegenwoordig steeds minder een rol, elektrische fietsen zien er nu bijna net zo uit als gewone fietsen. Naarmate de accu’s kleiner en sterker worden zal het afwijkend uiterlijk geen rol meer spelen.

Als overheden en gemeenten de elektrische fiets tot een kernpunt van hun mobiliteitsbeleid willen maken zullen ze moeten kijken naar de specifieke eigenschappen die de elektrische fiets onderscheidt van de gewone fiets. Met deze verschillen indachtig kunnen we nagaan welke aanpassingen van een reeds bestaand fietsbeleid nodig zijn. In ons artikel over “Mobiel op de fiets” hebben we de maatregelen ter bevordering van het fietsverbruik opgedeeld in een aantal beleidsgebieden. We zullen deze structuur gebruiken om tot een indeling van maatregelen ter bevordering van het elektrische fietsen te komen. Deze maatregelen worden verduidelijkt door het noemen van praktijkvoorbeelden.

Fietsnet

Fietsnet

De fiets centraal in het mobiliteitsbeleid.

info@fietsnet.nl
Tel 071 5765743
Fax 071 5765743

Voor FietsNED
Mobiele fietsenmaker
belt u: 088-112-112-3